'Helderse iconische vuurtoren wordt eindelijk opgeknapt'

 26 maart 2019

 ’Als ik Lange Jaap zie ben ik pas thuis’

DEN HELDER - Tientallen jaren stond hij te verpieteren, maar nu is er licht aan het eind van de tunnel. Rijksmonument vuurtoren Lange Jaap bij Den Helder wordt opgeknapt, bevestigt eigenaar Rijkswaterstaat. Hoewel zijn functie nagenoeg overbodig is, is het meer dan 63 meter hoge rode gevaarte nog van levensbelang voor de kustplaats. „Als ik Lange Jaap zie ben ik pas echt thuis.”
 

Haar ogen beginnen te glimmen als ze het over Lange Jaap heeft, alsof het over de liefde van haar leven gaat. Manouk van Deutekom vindt Den Helder en het naburige Huisduinen waar vandaan Lange Jaap sinds april 1887 de omgeving verlicht sowieso de prachtigste plek op aarde. „Als je vanaf Schagen aan komt rijden, kun je hem bij helder weer al zien”, zegt de 29-jarige medewerkster van citymarketing Den Helder. „Pas als ik Lange Jaap zie ben ik thuis.”

Als afgestudeerd cultureel erfgoed-professional heeft Van Deutekom een bovenmatige kennis van en interesse in alles dat tastbaar een geschiedkundige waarde heeft. Maar Lange Jaap is een geval apart. „Het is een grote droom om Lange Jaap te beklimmen”, zegt ze. „Door de slechte staat is hij al bijna twee decennia dicht voor publiek. Vroeger gingen scholen nog weleens op excursie, de toren in. Maar dat mag allang niet meer van Rijkswaterstaat.”

Lange Jaap is met 63,45 meter de hoogste nog werkende vuurtoren van Europa. Hij moet qua lengte alleen een betonnen exemplaar op de Maasvlakte voor zich dulden. Maar daarvan doofden in 2008 voorgoed de lichten.

Voor Den Helder en Huisduinen is de vuurtoren het icoon van de bevolking. Het is een van de oudste overblijfselen van de omgeving. Samen met Fort Kijkduin, de militaire stelling van Den Helder en natuurlijk de aanwezigheid van de marine. „Maar verder hebben we hier niet zoveel dat zo oud is. Den Helder is in de Tweede Wereldoorlog behoorlijk plat gebombardeerd”, zegt Van Deutekom. De Duitsers schilderden hem in camouflagekleuren en doofden de lichten, ze hielden die hoek liever donker. „Het is eigenlijk een wonder dat hij nog staat.”

Lange Jaap is er niet best aan toe, beschrijft voorvechter voor het onderhoud Jan Roelofsen. Hij belde vier jaar lang Rijkswaterstaat plat dat er toch echt wat aan de erbarmelijke staat van de vuurtoren gedaan moest worden. „Aan de buitenkant roesten de gietijzeren platen. Dat komt door het gebruik van een ijzerhoudende kit. Aan de binnenkant zijn er platen gescheurd.” De Huisduiner hoopt dat na herstel de vuurtoren weer beperkt toegankelijk is voor publiek. „Al is het maar in de weekeinden.”

Bron: De Telegraaf, 26 maart 2019 (Binnenland)
Door